Eucalytusbossen, trappen en eeuwenoude kloostertuinen

leestijd: 3 minuten

Serra d’Ossa vanaf Aldeia da Serra

Redondo, Portugal

Deze loop-trail van 8,0 kilometer ten noorden van Redondo, Portugal, begint met een korte, steile klim tegen het flank en volgt de bosbouwpaden naar de top van Ossa (653m), en loopt via de westelijke hellingen omlaag terug naar de kerk. Vanaf daar volgt het de trappen van Passadiços da Aldeia da Serra omlaag door de oude kloostertuinen langs het riviertje.

Duur
Lengte:

3,5-4 uur
11,5 km


Moeilijkheid:

Conditie:

Soort pad:

gemiddeld

gemiddeld

Het pad begint met een steile moeilijk begaanbare klim vervolgd door brede bosbouwpaden. Vanaf de kerk omlaag volgt het pad een aantal trappen omlaag naar het dal.

Mijn Ervaring

De heuvels van de Serra d’Ossa zijn niet bepaald hoog. Of steil. Hebben geen adembenemende uitzichten of dramatische ravijnen. En waar de meeste mensen naar deze streek komen voor de historische stadjes, is deze hike juist voor de wandelaar een erg prettige om even de benen te strekken en de kuiten los te houden.

Ik begin mijn wandeling vanuit het dorpje over een verharde weg naar een klein kerkje, Igreja Matriz de Aldeia da Serra.

Als ik achter het kerkje om loop zie ik tegen de helling op een wegwijzer. Daar begint een steile klimmetje over een zeer weinig belopen pad, ik steek een puinveld over en kom ik in een eucalyptusbos waar de heerlijke geur zich mengt met die van het dennenbos.

De paden hier zijn niet bewegwijzerd en ik wil graag naar de top van de Ossa, dus ik vervolg mijn weg via de bosbouwwegen. Maar omdat dit nogal eentonig is, sla ik halverwege linksaf om via een waterloop op een klein paadje op de ridge te komen.

De top van de Ossa staat vol met zendmasten maar het is mooi weer en ik kan ver weg kijken. De weg naar beneden is in het decemberzonnetje zeer aangenaam.

Eenmaal terug bij de kerk en bij het beginpunt van het steile klimmetje, kun je ook langs de andere kant omlaag over de Passadiços da Aldeia da Serra. Een mooie route langs de kliffen omlaag tot bij een riviertje waar de monniken enkele tuinen hebben aangelegd.

Opeens kom ik bij een oude muur met een kleine doorgang, te klein voor mij en mijn rugzak. Ik kijk om me heen op zoek naar het pad en ineens komt me daar dan toch iemand door die opening heen! Ik schrik me rot! Die meneer wist natuurlijk van niks en schrok weer van mijn reactie haha

Van de schrik bekomen vind ik mezelf terug in een klein dal tussen stokoude overgroeide muren, en kijk ik uit op met dennenbomen en mos begroeide rotshellingen. Onderin het kleine dal kabbelt zacht een beekje, in de bomen kwetteren rustig de vogels en een zacht briesje brengt de geur van het dennenbos omlaag. Het zonlicht filtert door de groen-zilveren naalden op de met mos bedekte rotsen op de hellingen.

Af en toe klinkt de klok van het kappeletje boven mij.

Een wit spinnetje kruipt over mijn broek.

Ik lees dat de paters hier al sinds 1397 een boomgaard hebben.

En nu, dik 600 jaar later, houden de mensen hier deze plek nog altijd in stand…